7 juli 2020 was een heuglijke dag. Het stationsplein van het Vlaams-Brabantse Wijgmaal werd omgedoopt tot Jeanne Dormaelsplein. Op de plechtigheid die met de naamverandering gepaard ging werd onder meer gesproken door de 85-jarige dochter van de vrouw naar wie het plein genoemd werd.

Decennialang herinnerde zich, behalve haar familie, zo ongeveer niemand wie Jeanne Dormaels geweest was. De huisvrouw uit Wijgmaal en echtgenote van een in Duitsland opgesloten krijgsgevangene was moeder van drie dochters van respectievelijk elf, negen en vijf jaar. Al deze levens werden brutaal en onherroepelijk overhoop gegooid op de ijskoude ochtend van 18 februari 1944. Jeanne Dormaels werd toen uit haar bed gelicht door de Gestapo en overgebracht naar de gevangenis van Leuven. Vandaaruit begon een tocht langs de gevangenis van Sint-Gillis en het Nederlandse Vught die eindige in het nazi-concentratiekamp voor vrouwen in Ravensbrück. Daar bezweek ze in maart 1945 op amper 37-jarige leeftijd nadat haar gezondheid er gestaag op achteruitgegaan was.

Tijdens de gevangenschap van Jeanne Dormaels was ook haar echtgenoot als krijgsgevangene opgesloten. Hij werd pas in mei 1945 vrijgelaten. De drie dochters werden gedurende deze periode door de grootouders opgevangen. De meisjes zouden hun moeder niet meer terugzien.

Jeanne Dormaels is één van de weinige Vlaamse vrouwen die in het gewapend verzet actief waren en dit met de dood bekochten. Ze was lid van het in het Leuvense sterk aanwezige Partizanenkorps 034, verbonden met de communistische partij hoewel er geen aanwijzing is om te vermoeden dat deze gelovige Vlaamse vrouw communiste was. De meeste vrouwen in het (communistische) verzet waren koerier en dat was ook de rol die Jeanne Dormaels vervulde bij het smokkelen van wapens en boodschappen die de interne communicatie tussen verzetsmensen en -groepen moesten verzekeren. Naar alle waarschijnlijk werd Jeanne Dormaels verraden.

Om de waarde in te schatten van wat Jeanne Dormaels verrichtte, is het goed om weten dat slechts een 2 à 3 percent van de volwassen Belgische bevolking actief betrokken was bij het verzet. Daarvan situeerde zich slechts een derde in Vlaanderen, ook al woonden er toen ook al meer mensen in de Vlaamse dan in de Waalse gebieden. Ze behoorde tot het minieme honderdste van Vlamingen die in het verzet gingen. Van die kleine minderheid bestond slechts twintig percent uit vrouwen. De ongeschoolde Jeanne Dormaels verschilde dan nog van de meeste andere vrouwelijke verzetsstrijders die meestal hoogopgeleid waren.

Het eerbetoon aan Jeanne Dormaels kwam er nadat enkele inwoners van de gemeente naar aanleiding van de Internationale Vrouwendag de suggestie aan het Leuvense stadsbestuur hadden gedaan om meer straatnamen naar vrouwen te vernoemen.

Links en bronnen: